|
Begin jaren
50 nam NS het besluit om alle resterende stoomlocomotieven te vervangen
door diesel-locomotieven. Er moesten daarom in zeer korte tijd ca. 280 diesellocomotieven
worden aangeschaft. Naast de reeds bij Alsthom in aanbouw zijnde serie NS 2400/2500
werd bij Baldwin in de Verenigde Staten van Amerika gekeken voor locomotieven
die in multiple schakeling konden rijden. Uiteindelijk
heeft NS opdracht gegeven voor de bouw van de serie NS 2201-2350 naar het ontwerp
van Baldwin met een tractie-installatie van Westinghouse, de elektrische installatie
van Heemaf en diesel-motoren van Stork. (De motoren van NS 2301-2340 kwamen van
Usines Schneider, Lyon). De reeks locomotieven werd gebouwd bij Allan in Rotterdam
(2201-2300) en Usines Schneider in Lyon (2301-2350). De
serie NS 2200/2300 werd in dienst gesteld in het roodbruin met een zandgele bies
en sierlijke V-vorm op de neus en de achterzijde. Op de neus was de
V dubbel uitgevoerd. In de jaren 70 werden de meeste locs
overgeschilderd in de nieuwe huisstijl geel/grijs. Een groot aantal is echter
altijd roodbruin gebleven. In de nadagen werden de nummerschilden verwijderd en
werden de locomotiefnummers op de lege plek met witte stickers aangebracht. Eén
exemplaar is in de jaren 90 NS-Cargo rood geweest. Dit was radioloc NS 2384
(ex 2342). De 2328 en 2270 die in 1995 aan Strukton werden verkocht, werden geheel
geel geschilderd. Daarbij werden de locs omgenummerd naar 302328 en 302270. In
1995 werden 25 exemplaren verkocht aan de NMBS. Bij onze zuiderburen werden de
locs ondergebracht in de reeks 76. Na een revisie werd het NS grijs bij
een klein aantal vervangen door Belgisch dieselgroen.
De eerste
uiterlijke wijziging aan de locomotieven was het aanbrengen van de geluidsdemper
op de motorhuif in het begin van de jaren 60. Een
aantal locs werden in de loop van de tijd voorzien van radiografische besturing.
Dit werd op de loc aangeduid met een R tussen twee bliksemschichten.
In 1992 werden de radiolocs omgenummerd, zodat een aaneengesloten nummerserie
(NS 2361-2382) ontstond. De
frontseinen kwamen in de loop van de tijd in diverse vormen voor. Het grootste
gedeelte van de serie heeft tot het einde gereden met het omgekeerde L-sein. Bij
een aantal locs werd een derde sein aangebracht, maar ook daar was geen
eenheid in. Er werd een kleine lamp boven aangebracht, midden tussen de sluitseinen,
maar het kwam ook voor, dat de derde lamp midden op de voor- en achterzijde werd
aangebracht. In dit geval was de derde lamp even groot als de normale frontseinen. De
hele serie werd vanaf 1970 voorzien van zwaailichten voor en achter. Aanvankelijk
blauw, maar ze werden al snel rood, omdat blauw gemakkelijk werd verward met hulpdiensten.
Model:
Het model wordt gebouwd in de bekende Philotrain kwaliteit, geheel gebouwd
uit messing, verende buffers, schroefkoppelingen, precisiemotor, constante verlichting,
voorbereiding voor digitaal en sound, etc. De productie van de NS 2200/2300
in de Belgische uitvoering Reeks 76 is afhankelijk van het aantal ontvangen bestellingen.
Ook voor de overige varianten houdt Philotrain zich overigens het recht voor om
een uitvoering niet te produceren bij onvoldoende bestellingen.
Alle locomotiefnummers
zijn zorgvuldig uitgezocht aan de hand van fotomateriaal. Wensnummers kunnen wij
niet honoreren, te meer omdat 15 verschillende uitvoeringen van één
model al onoverzichtelijk genoeg zijn! Prijzen: Bij
voorintekening bedraagt de prijs € 995,-- (€ 700,-- bij bestelling en
€ 295,-- bij aflevering) De prijs zonder voorinkening bedraagt €
1.095,-- Levering:
De geplande uitlevering van de dieselloc NS 2200/2300/1800 is januari
2012. De mogelijkheid tot voorintekenen (met (€ 100,-- korting) loopt
tot 1 mei 2011. |